Tagarchief: Afrika

Kan een muzungu ook iets leren?

Ik ben een blanke zendingswerker en woon in Oeganda. Dat betekent voor veel Oegandezen nog steeds dat je hier iets komt brengen: geloof, kennis of geld. En eerlijk gezegd denk ik dat zelf ook vaak: Ik werk hier als blanke, als muzungu, in Oost-Afrika om te geven en te dienen. Dat laatste klinkt al wat beter, maar zelfs dán wil ik graag een voorbeeld zijn voor anderen en opnieuw iets geven.

giveNu is er niets mis met geven, maar als we zending echt op het niveau van gelijkwaardigheid willen brengen, dan zullen we in de kerk wereldwijd ook moeten kunnen ontvangen. En dat valt voor ons in het Westen in de praktijk niet mee. Omdat onze culturen en situaties zo verschillend zijn, denken we al snel dat we niets kunnen leren en daarmee sluiten we ons af. Daarbij krijgt je van ‘geven’ vaak ook nog een goed gevoel.

Laat ik wat concreter worden. Ik heb een poosje geleden de volgende vijf punten opgeschreven van zaken die ik kan leren van mensen in deze regio.
1. God is betrokken bij het hele leven. Alles heeft met Hem te maken.
2. Neem de tijd om belangrijke gebeurtenissen te vieren en te gedenken.
3. Leef het leven en neem de dingen zoals ze komen. Je kunt je niet overal tegen verzekeren.
4. De maaltijd is een ontmoetingsplek en een moment om dat wat er is met elkaar te delen.
5. Geniet van het moment. Lachen, zingen, dansen… als je het leven kunt vieren, dan moet je dat doen.

Ik zou ook een lijstje kunnen maken met zaken die specifiek voor de christelijke kerk gelden, maar dat doe ik een andere keer. Laten we hier eens mee beginnen. Wat kan ik als muzungu met deze vijf punten in het leven van elke dag?

Bijbelstudie-training Zuid-Soedan

In het laatste kwartaal van 2015 gingen we met een team (in wisselende samenstelling) naar acht plaatsen in de Kajo-Keji Diocese (classis) om daar een seminar te geven voor toekomstige bijbelstudiegroepleiders. Jaap had een boekje gemaakt met 52 bijbelstudies en dit boekje is in de lokale Bari-taal vertaald. De groepleiders werden heel specifiek getraind om met dit boekje aan de slag te gaan.

Het enthousiasme bij de deelnemers was groot en dat maakte het een plezierige en dankbare onderneming. We hebben wel heel veel uren in de auto gezeten op slechte tot zeer slechte wegen, dat was natuurlijk wat minder. Hieronder een foto-verslag.

First seminar in Leikor

Eerst Bijbelstudie-seminar in Leikor. Levendige discussie.

Liwolo

Jaap geeft les in Liwolo. Rev. Emmanuel is vertaler.

Kiri

Aandachtige studie in Kiri

Logo jeugd

Een groep jongeren in Logu doet ook mee

Logu Tim

Tim Verduijn (GZB) kwam kijken bij de training in Logu

Bori

Bijbelstudie in Bori

Lire

Concentratie in Lire

Mirjam in Lire

Mirjam houdt baby vast van een moeder die meedoet met de bijbelstudiegroep

River Kala

Om in Kala te komen, moesten we eigenlijk deze rivier door met de auto. Dat gaat natuurlijk niet lukken. Dan maar een hele lange omweg nemen!

Kala

Chidi Moses (l) & Sanya David (r) geven les in Kala

P1020648

De laatste training in Gaderu!

 

Zending in de 21ste eeuw

Het afgelopen semester (2e van 2015) gaf ik het vak ‘ zending’ op de predikantenopleiding in Kajo-Keji. Hierbij een korte samenvatting.

De Bijbel is zending
Bij dit vak kijken we naar de bijbelse basis van zending, naar de geschiedenis van zending en we denken na over een aantal relevante onderwerpen die met zending te maken hebben (zoals de verhouding tussen woord en daad en het proces van contextualistatie). Het is mooi en spannend om samen met studenten in Zuid-Soedan te zien hoe de Bijbel zelf één groot ‘zendingsverhaal’ is en wat zending betekent voor de kerk in Afrika.

Oude model is passé
We hebben eerst vastgesteld dat het oude zendingsmodel (vanuit het Westen naar de rest van de wereld) niet meer werkt. Dit is omdat de kerk in Afrika groeit en die in Europa juist krimpt. Daarnaast zien we een explosieve groei van pinksterkerken op het zuidelijke halfrond. Dit alles betekent dat we een ander zendingsmodel nodig hebben. Een model waarin zending van alle 6 continenten, naar alle 6 continenten gaat (dus óók zending in Europa). In dit nieuwe model benadrukken we niet zo zeer ónze missie, maar vooral dat wij als kerk meedoen in Gods zending. Het gaat om heel de kerk (niet alleen zendingswerkers) die met heel het Evangelie (in woorden en daden) door de hele wereld gaat (niet alleen naar het ‘zendingsveld’).

Meedoen in Gods zending
Nog steeds wordt in Zuid-Soedan ‘zending’ vooral gekoppeld aan blanke zendingswerkers. Maar die tijd is voorbij. Hoe kan de kerk in Afrika méér meedoen in Gods zending in deze wereld? Dat is onze uitdaging.

mission

Towards Intentional Disciple Making

Report on the African Church Leaders Discipleship Congress
Addis Abeba, Ethiopia, 27-28 February 2015

By Rev. Jacob Haasnoot, Kajo-Keji, South Sudan

In this report I want to share with you what I learned and observed at the Disciple Conference I attended in Addis Abeba. After some general impressions, I will share the main points of the teaching at the conference.

General Impressions
It was in many ways a good conference. The teaching and fellowship were good and there was also time for worship (in a typical lively Ethiopian style). I was impressed with the main speaker: his experience, the content of his teaching but also his humility and spiritual focus. I had some good conversations with brothers and sisters from Sierra Leone, Uganda, Madagascar, Kenya, Egypt, Lebanon(!) and of course from Ethiopia. I met several people I knew from the time that I lived in Ethiopia myself.
It was a large conference with 2,500 people attending. The venue of the conference was very special. We met in the plenary (Nelson Mandela) meeting hall of the African Union building. We were sitting in the chairs of Silva Kir, Mugabe, Bashir, Uhuru Kenyatta and other African leaders!
The conference was organized by the Ethiopian Kale Heywet Church (founded by SIM) and sponsored by churches in Singapore, South Korea and the US.

African Union Plenary meeting room

African Union Conference Centre, Plenary Hall

I was disappointed about two things. First, the conference attendants were not really representing the Church in Africa. There were 2,200 Ethiopians and 300 people from outside Ethiopia, mostly Africans. Of the international delegates the majority was Kenyan. There were hardly any Nigerians, which is strange. I discovered only two Anglicans! Many denominations were not represented. Also almost all of the Ethiopians were from the organizing Kale Heywet church. There were no people from the other big protestant Mekane Yesus Church in Ethiopia and from other denominations, which is very awkward.
The other things is that there were no group discussions at the conference or the chance to ask questions. Of course that is very difficult with so many participants but it meant that we left with a number unanswered questions.

Towards Intentional Disciple Making
The main speaker was pastor Edmund Chan from Singapore. He set up an organization to envision churches all over the world in the area of Intentional Disciple making.

Chan started with the spiritual foundation for leaders who want to focus on disciple making. From Gal. 2:20 we learn 2 things:
1. Being committed as a leader is not enough. Paul talks about being crucified, which means total surrender to the Lordship of Christ.
2. Our focus needs to be on God: not what we can do for Him but what He is doing for us!

Our relationship with Christ is more important than the discipleship programs we are running.
Definition of Discipleship according to Chan:
“Disciplemaking is the process of bringing people into right relationship with God, and developing them to full maturity in Christ through intentional growth strategies, that they might multiply the process in others also”.

Four main topics were discussed:
1. See the critical need
2. Understand the Biblical strategy
3. Determine the End product
4. Accomplish the Mission

1. See the critical need: Returning the Church to its disciplemaking Roots
A. What is the situation now in many churches? Five Cries of the Church:
1. There are too many programs.
2. There are too few volunteers.
3. The leadership direction is not clear.
4. Leaders are not united.
5. Members are not discipled.

B. What symptoms of our problem do we see in churches?
1. Workers are tired.
2. There is a lack of leaders.
3. There is a lack of growth by conversion.
4. Cell groups are struggling.
5. Marriages are struggling.
6. We see broken relationships.
7. We see church members living in sin.

C. Satan’s scheme in attacking the Church: deception, division, discouragement, defilement.

The underlying problem is that Christians don’t Disciple!
D. Five misconceptions of Discipleship:
1. Discipleship just happens.
2. Discipleship takes place when people attend church programs.
3. Discipleship is only for new Christians.
4. Discipleship is for spiritual people only.
5. Discipleship is a program.

E. If discipleship is so important, why is it so neglected?
1. A lack of time.
2. A lack of interest.
3. A lack of confidence. You can not pass on what you don’t have.
4. A lack of disciples. People don’t want to be discipled.
5. A lack of conviction.

2. Understand the Biblical strategy: Authentic Discipleship and Intentional Disciplemaking
A. Seven misconceptions of the Great Commission (Matth. 28:18-20)
1. Missing the main Focus: It is about us but about Christ who has the power!
2. Missing the main Essence: It it not a message to broadcast but a ‘life to live’.
3. Missing the main Agent: Not ‘some missionaries’ but all members!
4. Missing the main Product: Not ‘making converts’ but: making disciples!
5. Missing the main Emphasis: You must go and make disciples! It is not about the manner but about the mission.
6. Missing the main Yardstick: Not the numbers but obedience!
7. Missing the main Concern: Not just ‘disciple’ but ‘disciple the Nations’! Do we have a vision for the world?

B. Four convictions from Matthew 28:18-20
1. The source of the Great Commission: All authority…
2. The scope of the Great Commission: All nations…
3. The strategy of the Great Commission: Obey all things…
4. The season of the Great Commission: Always…

C. Eight marks (indicators) of a Disciplemaking Church
1. Purpose-driven: Disciplemaking is the core mission of the Church.
2. Responsible Evangelism: People are being led to Christ and followed-up.
3. Intentional Growth Strategies: People are being developed. There is something for everyone. Ministry according to spiritual gifts.
4. Leadership Commitment: Leaders are committed to model disciplemaking.
5. The Church has a clear disciplemaking Vision.
6. There are training programs for discipleship in place.
7. There is a small group infrastructure for intentional disciplemaking.
8. We see spiritual multiplication: People’s lives are transformed and multiplication is taking place.

3. Determine the End product: Reproduce Disciples of a certain kind
A. Question is: What kind of disciples does God call us to reproduce? It helps to distinguish between conventional church values and ‘intentional disciplemaking church values’.

# Conventional values versus Disciplemaking values
1 Making converts vs. Making disciples
2 Successful programs are valued vs. Spiritual maturity is valued
3 20% does 80% of the work vs. 20% equips 80% to minister
4 Laity-led, Clergy driven vs. Clergy-led, Laity driven
5 Disciples are maid within the church vs. Disciples are made in every sphere of life
6 Church dispenses information vs. Church transforms lives
7 Asks: How many attended church? vs. Asks: What kind attended church?
8 Looks for change in outward behaviour vs. Looks for change from inside out
9 Low expectations of Christians vs. Believes in the potential of one person and the power of multiplication

B. Philosophy of Disciplemaking
Disciplemaking is all about a certain kind of person who is radically committed to a certain kind of purpose, who thru a certain kind of process reproduces a certain kind of product.
1. A certain kind of person who is Abiding in Christ.
2. A certain kind of purpose: a Kingdom purpose.
3. A certain kind of process: Life investment in disciple making.
4. A certain kind of product: a Transformed life.

C. Discipling the inner life: focus should not be on the outward life but on transformation of the inner life.
# Focus on outward life versus Focus on inner life/transformation
1 Values accomplishments vs. Values authenticity
2 Values performance results vs. Values growth and learning
3 Competence (gifts) first vs. Character (fruits) first
4 Doing good as to be looking good vs. Doing good flows out of being good
5 Esteems status and stature vs. Esteems substance
6 Competitive and boastful vs. Genuinely celebrates others
7 Reacts to criticisms vs. Responds to criticisms
8 Cannot let go of control vs. Empowers others
9 Default way of the world vs. Discipleship way of God

4. Accomplish the Mission
Five steps towards building an Intentional Disciplemaking Church
1. Establish Biblical foundations
2. Champion the Disciplemaking vision (both top-down and bottom-up)
3. Launch a prototype (start a group)
4. Put structures into place
5. Establish the infrastructure

We were then presented with three models of an Intentional Disciplemaking Church. Those were of the Covenant Ev. Free Church in Singapore, the Ethiopian Kale Heywet Church and ‘Christ is the Answer Ministries’ (Citam) from Kenya. To be honest, the presentations on these models were not very clear and/or practical. I am here only giving the 5 parts of the program that Citam is using:
1. Enter: come and know, God’s special family
2. Encounter: come and grow, rooted and built up
3. Embrace: come and bond, living in love
4. Enlist: come and serve, equipped for service
5. Engage, come and go, engaged witnesses

It was made clear that you need to develop you own contextualised model for intentional disciplemaking.

See also:  ‘Thinking about Discipleship in Changing Contexts: Perceptions of Church Leaders of an Episcopal Diocese in South Sudan‘, Cairo Journal of Theology, volume 2, 2015, p. 121-131.

De ruime kant van Gods soevereiniteit

Tijdens een les over theologie in de Afrikaanse context lazen we een verhaal uit de begintijd van het zendingswerk in Soedan. Het gaat over de zoons van een Dinka-chief die christen willen worden. Ze zeggen tegen hun vader: “We willen dat ons hoofd besprenkeld wordt met het water van God”. De vader vraagt waarom ze dat willen en ze vertellen hem wat ze op school van de zendelingen over het christelijke geloof hebben geleerd. Dan zegt hun vader: “Als het zo is dat christenen naar het ‘huis van God’ gaan na hun dood en de rest naar het ‘huis van vuur’, zouden jullie blij kunnen zijn in het huis van God terwijl de rest van jullie familie in het vuur brandt?” (geciteerd in Andrew Wheeler, ‘Our African Spiritual Heritage‘).

En onze voorouders dan?
Dit bracht ons bij de vraag: wat is het lot van hen die het evangelie nooit hebben gehoord? Student Francis vertelt dat deze vraag altijd opkomt als ze evangelisatiewerk doen. Worden we in het leven na dit leven dan afgesneden van onze voorouders?, zo vraagt men. We gingen zoekend en tastend met deze vraag aan de slag en onze gids was Chris Wright met zijn boek ‘Salvation belongs to our God‘.

Alleen via Christus
Wright beschrijft twee opvattingen onder christenen. De ene visie zegt dat je alleen gered kunt worden als je weet hebt van het verzoenend sterven van Jezus. Er is één weg tot behoud: via berouw en geloof in het reddend werk van Christus. Als je die weg niet gaat, ben je verloren. De andere visie zegt óók dat alleen het kruis van Christus de basis is voor verzoening. Er is geen andere weg. Maar dat betekent niet dat de groep die gered wordt, beperkt is tot hen die het evangelie hebben gehoord en bewust hebben geloofd. Wright zegt over de tweede visie: Zij willen de mogelijkheid open laten dat God – nog steeds via het werk van Christus – enigen zal redden die zich tot God keren met een bepaalde vorm van berouw en geloof, ook al hebben ze nooit van Christus gehoord in hun aardse leven. Alleen God kan dat beoordelen. Wright kiest zelf voor deze tweede benadering en hij formuleert heel voorzichtig zijn standpunt.

Wat zegt Wright niet…
Dit is geen universalisme, dit standpunt zegt ook niet dat mensen op grond van goede wil en goede werken behouden worden en het biedt ook geen opening voor de visie dat een ieder via z’n eigen religie God wel vindt. Deze opvatting betekent ook niet dat zending en evangelisatie niet meer nodig zijn. Het is de opdracht van Christus zélf om de wereld in te gaan en getuige te zijn van Hem. Dat is onze taak en onze vreugde. Wright: Ik zeg nog een keer dat mensen alleen gered kunnen worden door Christus en dat de normale manier is dat mensen de weg naar verzoening horen via evangelisatie. Maar ik kan niet de volgende stap zetten door te zeggen dat God niemand kan of wil redden tenzij die persoon door een christen bereikt is met een heldere uitleg van het evangelie. Het lijkt mij dat die opvatting de uitwerking van Gods genade beperkt tot wat wij mensen in evangelisatie bereiken.

Gods soevereiniteit biedt ruimte
Wright spreekt in dit verband over ‘Sovereign Grace’ en ‘Let God be God’. En hier kwam voor mij (Jaap) de verrassing. In de gereformeerde traditie hebben we een ‘hoge visie’ op Gods soevereiniteit. We geloven dat God almachtig is, dat Hij het heft in handen heeft en dat Hij aan mensen geen verantwoording hoeft af te leggen. Als het gaat om de vraag hoe je tot geloof komt, dan zeggen we als gereformeerden dat God dat via zijn Geest in ons bewerkt. Het is Zijn initiatief waar wij op reageren. Dit in tegenstelling tot de (Arminiaanse) visie waarin de nadruk ligt op de menselijke beslissing om ‘Jezus aan te nemen’. Nu komt het. De term ‘Gods soevereiniteit’ heeft meestal een wat problematische klank. We denken dan aan Zondag 10, uitverkiezing en de vraag naar de menselijke verantwoordelijkheid in dit alles. Het verrassende is dat als het gaat om de breedte van Gods verzoening, een hoge visie op Gods verzoening juist ruimte geeft! Denk even aan de 2 visies die hierboven aan de orde kwamen. De eerste groep legt alle nadruk op de menselijke beslissing bij het tot geloof komen. De tweede visie is alleen mogelijk als het God is die in zijn soevereine genade mensen redt via de weg die Christus heeft geopend. En daarbij weten we dat “…Hij niet wil, dat sommigen verloren gaan, doch dat allen tot bekering komen” (2 Petrus 3:9).

Als u uitgebreider en nauwkeuriger wilt lezen wat Christ Wright zegt, klik dan hier voor de Engelstalige samenvatting van de relevante passages in het boek van Wright.

God gaat iets nieuws doen!

Kajo-Keji is een bijzondere plek. In onze nieuwsbrief vertelden we al eerder over zendingswerkers uit China en nu kunnen we melden dat er twee missionaire werkers uit Nigeria zijn bijgekomen.  Evangelist Chidi Moses Nwaiwy vertelt ons waarom hij naar Zuid-Soedan is gekomen.

Chidi Moses: “Ik heb jarenlang bij een bank gewerkt, maar God riep mij toen voor het evange­lisatiewerk. Zes jaar lang heb ik als evangelist in de Anglicaanse kerk van Nigeria gewerkt. Ik wilde echter ook buiten Nigeria dienstbaar zijn, en nu ben ik hier in Kajo-Keji. Ik heb een vrouw en 3 kleine kinderen en ik hoop dat die later ook hierheen kunnen komen”.

Wat is Chidi’s droom voor de kerk in Zuid-Soedan? “Ik wil graag dat de kerk sterker wordt op alle terreinen. Ik wil graag de gemeenten opbouwen, zodat er mannen zijn die kunnen bidden en leiding geven. Ik wil graag actieve jongeren zien die het vuur van het evangelie verspreiden. Ook is onderwijs over rentmeesterschap en geven nodig. Laatst was ik in een gemeente waar we in korte tijd genoeg geld voor een generator ophaalden. En dat met eigen middelen, zonder buitenlandse donoren”.

 

Evangelist Chidi Moses: “God gaat iets nieuws doen! Ik was zelf bij een conferentie in Nigeria waar we via een profetisch woord hoorden dat Afrikaanse christenen het Evangelie gaan terugbrengen naar Europa. En de Anglicanen nemen de leiding. Dat is niet niks! It is a new move in the calendar of God”.

Prachtig preken

Laat ik iets vertellen over de twee vakken die ik afgelopen semester heb gegeven: preekkunde en Bijbelse theologie. Voor de liefhebber.

Eerst maar preekkunde. Dit vak gaf ik aan 2 groepen: certificate en diploma. De diploma-groep is het hogere niveau. Ik had op het internet een korte handleiding voor preken gevonden die door iemand in Zimbabwe was gebruikt. Dat leek me handig, maar in de praktijk van het lesgeven, viel deze syllabus erg tegen. Het niveau van Engels was te moeilijk en er zaten ook veel onnodige herhalingen in. Ik heb de studenten een stappenplan gegeven hoe je van bijbeltekst naar preek komt. Daarbij hebben we aandacht gegeven aan bijbeluitleg (exegese), het belang van de introductie, het gebruik van voorbeelden, maar ook aan preken uit het Oude Testament en preken tijdens een huwelijk of begrafenis.

Context en toepassing
De twee belangrijkste probleemgebieden waren het serieus nemen van de oorspronkelijke situatie van de bijbeltekst (context) en het toepassen van de boodschap in het Zuid-Soedan van nu. En volgens mij is dat wereldwijd gezien de uitdaging als het gaat om preken (ook in Nederland!). Het begrip context was en is voor veel studenten lastig te begrijpen. Ik heb het met heel veel voorbeelden geprobeerd duidelijk te maken. Sommige studenten snappen het nu, anderen hebben meer tijd nodig. Maar dat geeft niet. Zo hield een student een proefpreek over Galaten 5:1 en hij sprak over de vrijheid in Christus. Mooi thema natuurlijk. Hij zette daarbij de vrijheid in Christus tegenover het slavenjuk van de zonde en verwees naar Romeinen 6:6. Klinkt goed, maar dat doet helemaal geen recht aan wat de apostel Paulus schreef in de Galatenbrief. Die heeft het over vrijheid in Christus tegenover gebondenheid aan de Joodse wet! Een heel andere context dan in Romeinen 6:6.

Ook bij het toepassen van de boodschap vervallen veel studenten in algemeenheden. Zoals: we moeten meer geloof hebben, minder zondigen en meer dienen. En nogmaals: datzelfde heb ik regelmatig van Nederlandse kansels gehoord. Het vraagt studie, bezinning en gebed om de boodschap echt te laten landen in de belevingswereld van de hoorders. Maar het is wel nodig om dit serieus te nemen, want dan alleen gaan mensen ontdekken wat het christelijke geloof betekent voor het leven van elke dag.

Wekelijkse avondmaalsdienst

Bij sommige proefpreken van studenten werd ik blij, bij andere preken zat ik met gekromde tenen. Maar er is zeker vooruitgang te zien bij de studenten. Ze beseffen nu meer dan ooit dat ze de tekst moeten laten spreken en dat de preek moet landen bij de hoorders. Ook begrijpen ze nu beter dat een preek (veel) voorbereidingstijd nodig heeft en dat het een zaak van gebed en bijbelstudie is. Ik was heel erg blij na een preek van diploma-student Kwanyi Henri tijdens de wekelijkse avondmaalsdienst op de College. Z’n preek zat perfect in elkaar: duidelijke boodschap, prachtige illustratie over zijn opa, context serieus genomen en een stevige conclusie. Op zo’n moment is docent-zijn een geweldig vak!

Zie voor Bijbelse theologie de volgende blog.

Muurhangsels

Deze keer een wat lichtere bijdrage, vooral om te kijken. Wat hangt er in ons huisje in Kajo-Keji aan de muur? Hieronder onze verzameling van ansichtkaarten, kalenders en platen. De foto’s zijn niet allemaal zo scherp, maar dat is ook wel handig in verband met copyright issues 🙂

Deze kalender hangt in onze woonkamer en we vinden ‘m zelf heel mooi. Ooit gekocht in Nijmegen.

Davids ‘glas-in-lood’ van papier. Hij hangt achter het raam van onze voordeur. Als je ’s avonds van buiten naar binnen kijkt, ziet het er heel mooi uit!

Tekening van Jesse gemaakt door een wereldberoemde tekenaar in Parijs. Deze tekening hangt nu aan de zijkant van onze boekenkast.

3 ansichtkaarten van Karen Blixen (Out of Africa). We kochten deze in het Karen Blixen-museum in Denemarken.

Plaatjes uit Katwijk (geboorte-plaats Jaap). Mirjam kocht deze jaren geleden in het Katwijks museum.

In de slaapkamer hebben we kunst van Desta aan de muur hangen. 

In de studeerkamer hangt deze collectie: een kruisje dat we kregen van de Anglicaanse kerk in Arnhem en foto’s van familie en studenten. Daartussen een plaatje van een ikoon. 

Poster met African Icons van het BBC-magazine Focus on Africa hangt in onze woonkamer. 

Een voorbeeld van Afrikaanse volkskunst hangt bij ons in de keuken. Gekocht in Kampala. 

En tenslotte: de verjaardagskalender die Mirjam van haar basisschool in Ede kreeg. Hij hangt trouwens in de keuken… niet op de wc.

Desta & David: St. Andrew’s

Desta en David zitten sinds begin september op een school met in internaat in Kenia: St. Andrew’s. Kijk vooral eens op de website van de school en je ziet de 80-jarige geschiedenis van de school terug in de gebouwen. De school is prachtig gesitueerd in het hoogland van de Rift Valley. Maar wat vinden Desta en David nu van de school? Wat zijn hun ervaringen na 6 weken?

Desta: het blijft wel school
De eerste week vond ik niet leuk. Ik wist niet precies hoe alles ging en ik kende ook niemand. Maar na die week ging het steeds beter. Er zijn leuke dingen, maar natuurlijk ook minder leuke zaken, want het blijft wel school. Ik vind crosscountry hardlopen (5 km) leuk en ook ‘ultimate frisbee’, dat is een combinatie tussen rugby and frisbee. Verder ga ik op vrijdagavond naar de Christian Union (CU) en dat is ook fijn.

De vakken op school die ik gekozen heb (ICT, gym, frans en geschiedenis) vind ik leuk. Ik ben minder blij met schei- en natuurkunde, maar wiskunde en Engels zijn wel prima. Tja, wat vind ik minder geslaagd? Het eten is somsDesta en David in St. Andrew's uniform een beetje eentonig en we maken ook lange dagen: tot 5 uur school en daarna nog sporten.

M’n kamergenoot heet Rahul en hij is een Indiaase Keniaan. We hebben niet echt een klik, maar het is wel oké. Drie keer per week praat ik met m’n ouders via de telefoon. Daarnaast e-mailen we ook. M’n moeder kwam langs op het ouderweekend in Kenia en nu zijn we voor een weekje ‘herfstvakantie’ in Kampala.

David: boogschieten
Ik vind het een leuke school. Er is vooral veel aandacht voor sport en muziek. De eerste week was moeilijk, maar nu heb ik wat meer vrienden. Zoals Jason, zijn ouders zijn zendingswerkers in Noord-Kenia, en Dan & Jo, dat is een tweeling waarvan de ouders op school lesgeven.

Ik vind basketbal en crosscountry leuk. Verder heb ik leuke leraren voor wiskunde en voor geschiedenis. In het weekend is er van alles te doen. Zaterdag doe ik aan boogschieten en zijn er ook andere activiteiten. Zondag gaan we eerst naar de kerk en dan is er vrije tijd. ’s Middags zie ik Desta dan.

Bijna elke dag heb ik wel contact met m’n ouders via e-mail of telefoon. M’n slaapzaal is niet de meest gezellige, maar is wel oké.

Bent u bang voor tovenarij?

Begin dit jaar deed ik met de theologiestudenten een klein onderzoekje onder gemeenteleden. Dit was een oefening in ‘onderzoeksmethoden’, maar de resultaten zijn natuurlijk ook interessant. Hierbij een selectie. We kregen 93 ingevulde formulieren terug.

1. Man of vrouw? 54% man; 45% vrouw; 1% niet ingevuld.

2. Leeftijd? Gemiddeld 36 jaar oud.

3. Bekleed u een functie in de kerk? Ja 71%; nee 29%.

4. Neemt u deel aan het heilig avondmaal? Ja 81%; nee 19%.

5. Wat is uw onderwijsniveau? Geen formeel onderwijs 16 %; basisonderwijs 29%; middelbaar onderwijs 36%; hoger onderwijs 18%.

6. Wat zijn belangrijke problemen in uw omgeving? (meerdere antwoorden mogelijk): Armoede 18%; alcoholmisbruik 17%; gebrek aan kennis & onderwijs 13%; polygamie 12%.

7. Gaat de kerk adequaat in op deze problemen? Ja 28%; ja, maar niet genoeg 65%; nee 8%.

8. Bestaat magie? Ja 54%; nee 37%; ik weet het niet 10%.

9. Bent u bang voor magie? Ja 65%; nee 33%; geen antwoord 2%.

10. Welke ‘magische praktijken’ gebeuren in uw omgeving? (meerdere antwoorden mogelijk): Iemand vervloeken 48%; via magie genezen willen worden 36%; vergiftigen van tegenstander 14%; iets anders 3%.

11. Wat moet de kerk doen in relatie tot verhalen over magie? Gebed en vasten 69%; Bijbelstudie aanmoedigen 19%; geruchten onderzoeken 10%; iets anders 2%.

12. Kunt u lezen? Ja 77%; nee 11%; geen antwoord 12%.

13. Heeft u een Bijbel? Ja 71%; nee 17%; geen antwoord 12%.

14. Hoe vaak leest u in de Bijbel? Elke dag 55%; een keer per week 17%; rest 10%; geen antwoord 17%.

15. Zijn er bijbelstudiegroepen in uw gemeente? Ja 52%; nee 34%; weet niet 1%; geen antwoord 13%.